Sneeuwballen gooien: alleen in gezinsverband

door | 13 februari 2021 | Wynia's Week

‘Lieve mensen, wees voorzichtig en blijf bij voorkeur thuis.’

Tot ons sprak de minister van Infrastructuur en Waterstaat, Cora van Nieuwenhuizen, nadat ze ons tot haar verdriet had moeten meedelen dat in het oosten ‘de eerste sneeuw ons land binnentrekt’.

Ik moest direct aan Koningin Wilhelmina denken.

Cora, de schat! Warmte, bezorgdheid. Waar hebben we dat aan verdiend? Niet aan ons goeie gedrag. Dat weet u ook wel.

Ook onze onvermoeibare premier richtte zich aan de vooravond van de nieuwe ijstijd tot ons. Wat hem betreft mogen we best een sneeuwpop maken, maar ‘houd u aan de regels!’. En of we asjeblieft geen gekkigheid willen uithalen zoals vallen en uitglijden, want de spoedeisende hulp kan ons er echt niet bij hebben.

Wat te doen?

Laat dat maar aan de autoriteiten over. Binnen de kortste keren kwam er voor de bevolking een reeks aanwijzingen en adviezen vrij.

Wie een beetje bekend is met het reilen en zeilen van de overheid, weet dat hier een topprestatie is geleverd. Kon men ten departemente tot voor kort nog gerust uitgaan van de opwarming van de aarde, de intrede van deze arctische koude was een lelijke streep door de rekening.

Klasse!

Kijk maar eens op www.rijksoverheid.nl rubriek onderwerpen, subrubriek coronavirus-covid-19, subsubrubriek cultuur-uitgaan-en-sport, subsubsubrubriek schaatsen-schaatsbanen-sneeuw-en-winterweer.

Als u het leest, onderdruk dan uw eerste, Pavlov-achtige ingevingen zoals ‘denken ze dat ik een baby ben?’, maar leg de tekst even terzijde en pak hem er, nadat de diepere bedoelingen zijn ingedaald, nog eens bij.

Het is een serieus en goed doordacht document waar overduidelijk hooggeschoolde communicatiedeskundigen aan hebben gewerkt. Ondanks de druk van het moment vertoont het nergens tekenen van haast of oppervlakkigheid.

Trefzeker, dat is het eerste woord dat na eerste lezing bij mij naar boven kwam.

Knap is bijvoorbeeld hoe de schrijvers al in de aanhef contact weten te leggen met de naar leiding hongerende burgers: ‘Ook bij het genieten van een pak sneeuw of een mooie laag ijs, blijft de oproep om zo min mogelijk mensen te ontmoeten en uw reisbewegingen te beperken.’

In de war

Trefzeker, zei ik het niet? Om vervolgens door te stomen naar de vraag die onder de bevolking het sterkst leeft: onder welke condities kan onze overheid toestaan dat wij sneeuwballen gooien?

Hier moet de overheid helaas streng zijn. Er mag alleen ‘met het eigen huishouden’ sneeuwballen worden gegooid.

Nu ik het opschrijf, raak ik toch een beetje in de war. Bedoelt onze overheid dat we als gezin alleen elkaar mogen bekogelen of moeten we als gezin juist samen optrekken tegen anderen zoals de buren?

En waar blijft de alleenstaande? Mag die geen sneeuwballen gooien? Of alleen uit noodweer in het geval een gezin die alleenstaande begint te belagen.

Overigens, is de anderhalve metermaatregel wel passend? De ervaring leert dat sneeuwballen al snel ijsballen worden en als je zo’n ding tegen je hoofd krijgt, maakt het echt wel uit of je dichtbij stond of niet. Moet niet een speciale coronasneeuwafstand worden geïntroduceerd? Ik vraag het maar.

Ook de aanwijzingen voor verantwoord schaatsen blijken bij tweede lezing niet helemaal duidelijk. Schaatsen met 1 vriend of vriendin mag, staat er. Moet je op aangeven van een boa kunnen bewijzen dat er sprake is van vriendschap? Is de intensiteit van de vriendschappelijke gevoelens hier bepalend of de tijdsduur van de vriendschap?

Zo rijzen er meer vragen

Is schaatsen met meer dan 1 persoon voor wie je geen amicale gevoel koestert of aan wie je zelfs een hekel hebt, coronakundig wel toegestaan? Is dit een leemte in de aanwijzingen? Of poogt onze overheid hier de verbinding in onze zo gepolariseerde samenleving een boost te geven? Het zou zo maar kunnen, want onze autoriteiten denken altijd aan alles.

Ik denk namens u te spreken als ik onze overheid oproep de Aanwijzing schaatsen, schaatsbanen, sneeuw en winterweer grondig te herzien en ons veel gedetailleerder te instrueren hoe we de zogenaamde ijspret veilig kunnen doorstaan.

Wij burgers zijn namelijk niet goed bij ons hoofd.

Paul Verburgt