Kamerleden, kijk ook ’s naar jezelf

door | 22 november 2022 | Kruiend IJs, Wynia's Week

Kamerleden merken steeds sterker de gevolgen van de polarisatie. Ze worden uitgescholden, geïntimideerd en bedreigd. De NOS kwam met dit nieuws en de conclusie was duidelijk: schande. Of valt er iets meer te zeggen?

Menigeen meent in de eindtijd te leven. Dat gaat al eeuwen zo. Het heden is enkel strijd en lijden en de toekomst wordt nog erger. Het verleden daarentegen oogt rustig, logisch en geordend. Ach, was het nog maar als toen!

Als Kamerleden klagen dat ze steeds vaker uitgescholden, geïntimideerd en bedreigd worden, past enige terughoudendheid. Is het echt zoveel erger dan ‘vroeger’?

Het verleden was ook niet pluis

Er is nooit systematisch onderzoek gedaan naar het welbevinden van Kamerleden. Wel zijn tal van incidenten bekend, waarbij overigens niet alleen boze burgers de daders waren. In de jaren zeventig was er nog een heuse knokpartij waarbij de ene parlementariër de ander een blauw oog sloeg. Begin deze eeuw zaten Kamerleden van de LPF elkaar achterna, een zelfs met een pistool.

Het publiek of beter, actievoerend Nederland wist ook van wanten. Denk maar even aan de aanslag op Hans Janmaat in 1986 toen hij met leden van zijn Centrumpartij in Kedichem bijeen was. De man zei dingen die nu gemeengoed zijn, maar dat was toen reden om hem volkomen te verketteren. Als hij het spreekgestoelte betrad, liep de Kamer leeg. Over polarisatie gesproken.

Polarisatie?

Want daar ligt het aan volgens de Kamerleden van nu, de polarisatie. De NOS zond een vragenlijst rond en 50 leden vulden die in. Een derde dus. Dat is wetenschappelijk vast verantwoord, maar stiekem denken u en ik dat wie uitgescholden of bedreigd is, eerder zo’n lijst zal invullen dan wie geen last heeft van gedoe of er niet zwaar aan tilt.

Wat die polarisatie inhoudt en hoe die is ontstaan, wordt bekend verondersteld, want het wordt niet gedefinieerd of uitgelegd. Laat staan dat wordt aangetoond dat het allemaal erger is dan in – ik noem maar eens wat – de jaren zestig toen polarisatie zelfs als strategie werd gehanteerd, door PvdA, D66, PPR en zelfs de VVD!

Dat is toch een manco van allure.

Twitter

Ook de opkomst van de social media, twitter voorop, blijft impliciet. Wat vroeger in de kroeg of bij de koffieautomaat werd besproken en daar bleef hangen, kan nu viral gaan, elk moment van de dag. Dat heeft het publieke debat (of noem het bescheidener het publieke gesprek) enorm geïntensiveerd. En de ongepolijstheid van kroeg en koffieautomaat een brede spreiding gegeven, te meer omdat sommige toetsenbordridders onder dekking van omineuze pseudoniemen met allerhande vlaggetjes all out kunnen gaan.

Zoiets zou je toch verdisconteerd willen zien in zo’n onderzoek.

Vooral zenden

Vrijwel alle Kamerleden hebben een twitteraccount en maken daar vaak gretig gebruik van. Leuk is het niet, maar volg eens een tijdje een aantal twitterende Kamerleden.

Wat opvalt is dat ze op een enkeling na uitsluitend zenden. Ze zoeken geen conversatie en al helemaal geen debat, ze hebben een boodschap en u moet luisteren. Daar komt bij dat velen die boodschap betweterig, verwijtend of oersaai verpakken. Je moet communicatief wel een allround domoor zijn om dan te denken dat je zult worden overspoeld met applaus.

Lisa van Ginneken

Een recent voorbeeld is Lisa van Ginneken van D66. Ze heeft een wetsontwerp over transgenderrechten ingediend dat zeer omstreden is omdat – ik vat het samen – het mannen die zich identificeren als vrouw zonder daarbij operatieve en hormonale ingrepen te ondergaan, toegang zou geven tot single sex ruimtes zoals vrouwenkleedkamers.

Mevrouw Van Ginneken gebruikt grote woorden tegen tegenstanders, maar verrekt het om met serieuze opponenten in debat te gaan. No debate, het is een onderhandelingstrucje dat we allemaal kennen, maar als je dan vervolgens twitter als een “plek van haat” bestempelt en demonstratief stopt met twitteren, sta je te kijk.

Mix van functie en persoon

Kamerleden beklagen zich er ook over dat ze in het privé sfeer worden geconfronteerd met ongepast gedrag. In de lokale supermarkt een grote bek krijgen of moeten meemaken dat je kind het moet ontgelden. Dat is zeker niet fraai. Maar ook hier is er een keerzijde.

Menig Kamerlid mengt functie en persoon vrolijk door elkaar. Berichtjes over een motie of een commissievergadering worden ongegeneerd afgewisseld met olijke foto’s van een vriendinnenparty, een zure briefwisseling met de eigen energieleverancier of een verslag met kiekjes van een gezinsvakantie in een ver land.

Het zal allemaal wel bedoeld zijn om de afstand kiezer – gekozene te overbruggen, maar de prijs is dat die kiezer de persoon en de functie van de gekozene ook door elkaar gooit. Het is geen vergoelijking, maar het verklaart wel wat.

Stilstaand water

Ondanks het feit dat velen niet zijn weg te slaan van twitter, is dit platform wel de grote boosdoener, zo horen we. Een bekende klaagster, Corinne Ellemeet van GroenLinks, vindt twitter een hel, maar als je haar account bekijkt, is dat feitelijk stilstaand water. Dus wat is haar punt?

Dat geldt ook voor haar fractiegenoten die graag twitteren. Zelfs een verslaafd twitteraar als Suzanne Kröger die de ene na de andere alarmistische en verwijtende klimaatwaarschuwing de wereld inzendt, heeft niet erg te mopperen over onaardige reacties.

Ik heb ook naar de timelines van vele andere Kamerleden gekeken en ook daar heerst over het algemeen pais en vree.

Ongetwijfeld hebben Kamerleden net als anderen last van gekkies en wappies. Dat is erg vervelend en ongepast en kan stress geven. Tegelijkertijd kun je niet én op twitter zitten én geen hinder hebben van vreemde snuiters. Dat heb je ook in de kroeg en bij de koffieautomaat.

Je kunt je wel wapenen en dat is in de kroeg of op kantoor een stuk lastiger: blokkeer ze en – dat moet voor een Kamerlid toch te regelen zijn – doe aangifte als het al te gek wordt.

Kijk naar jezelf

Wat Kamerleden ook zouden kunnen doen, is hun eigen gedrag eens onder de loep nemen. Ze hebben nu vooral kritiek op hun collega’s van Forum en dat zijn inderdaad ook hitsers, maar het is echt te eenvoudig om al het ongerief op hen te schuiven.

Kamerleden gedragen zich onderling en naar de bewindslieden vaak bijzonder kinderachtig (een beter woord kan ik niet bedenken). Ze spreken uitsluitend in hyperbolen. Alles is ongekend rampzalig, volkomen onaanvaardbaar, wereldschokkend en extreem schandalig.

Van wederzijds respect is vaak nauwelijks sprake. Ze polariseren als dollen. Men legt vinnige verklaringen af, maar zoekt niet het debat, laat staan het compromis. Zelfs straattaal is normaal geworden, begeleid met beledigende gebaren, hoongelach en getrommel op de tafel.

En met getwitter: uit de vergaderingen wordt de bevolking kond gedaan van de heldendaden van het twitterende Kamerlid en de afgang van de rest.

En maar klagen.

Kijk naar jezelf.

Paul Verburgt