Aanhangers burgerberaad hebben niet veel met democratie

door | 11 mei 2022 | Kruiend IJs, Wynia's Week

Het burgerberaad is geen nuttige aanvulling op het bestaande democratische bestel, maar een uitholling ervan. De aanhangers ervan zijn vooral te vinden onder klimaatactivisten en die hebben niet veel op met de bestaande orde. Ze willen het burgerberaad gebruiken om de maatschappij drastisch te veranderen.

Het heeft weinig zin, zo bleek me, om het debat te zoeken over principiële en praktische bezwaren tegen het burgerberaad, want de aanhangers zijn voorzien van een rotsvaste overtuiging.

Ik vind dat irritant en intellectueel onder de maat, maar ik moet bekennen dat ik ook een korte periode gecharmeerd was van het burgerberaad. Het was de Belg David Van Reybrouck die me een jaar of zes geleden wist te vangen met een gepassioneerd boek, getiteld Tegen verkiezingen (ISBN 978 90 234 7459 3).

Van Reybrouck is archeoloog, filosoof en gelauwerd schrijver die toneelstukken, poëzie en non-fictie op zijn naam heeft staan. Zijn Congo heb ik verslonden.

Ook over politieke onderwerpen spreekt hij zich uit. Zoals over de representatieve democratie, het heersende stelsel in het Westen.

Is loting beter?

De representatieve democratie is volgens Van Reybrouck in het slop geraakt. Mensen gaan steeds minder stemmen en politici gaan zich om kiezers te paaien alleen op korte-termijnzaken richten. De echte grote problemen blijven daardoor liggen.

Geïnspireerd door steden als het oude Athene pleitte Van Reybrouck ervoor om verkiezingen af te schaffen en te vervangen door loting. De aldus gevormde volksvergadering zou net zo representatief zijn als de huidige vertegenwoordigde instituties, maar ontdaan van de desinteresse van de bevolking en bevrijd van het opportunisme van politici.

We laten nu maar even in het midden dat in dat oude Griekenland vrouwen en slaven bij die loting werden overgeslagen en dat de zittingstermijnen zo kort waren dat er nauwelijks sprake was van continuïteit. Het gaat om het idee en misschien omdat ik ooit op het gymnasium zat, bekoorde het mij. Het zal niet de intentie van Van Reybrouck zijn geweest maar het voelde als Arcadië. Eenvoud, oprechtheid, gemeenschapszin en alle mensen deugen. Wie wil dat nou niet!

De bekoring was na enig denk- en leeswerk overigens snel voorbij. Ik vind het burgerberaad een slecht idee, erg slecht zelfs.

Niet dat het tot op heden een groot thema in onze politiek is.

Promotie door Nijpels

Eind 2020, begin 2021 speelde het even toen onze homegrown klimaatpaus Nijpels opperde om zijn geheime klimaattafels met behulp van een burgerberaad democratisch te laten afzegenen.

Er volgde een Kamermotie waarna het toenmalige kabinet kennelijk reden zag om een zware adviescommissie aan het werk te zetten die zich over het fenomeen van het burgerberaad in het algemeen moest buigen. De commissie kreeg weinig tijd want de uitkomsten moesten vóór de verkiezingen van 2021 op tafel liggen, een rare opdracht, maar de commissie ging door de knieën.

De commissie-Brenninkmeijer

Die commissie, genoemd naar haar voorzitter, de recent overleden Alex Brenninkmeijer, produceerde keurig netjes binnen twee maanden een lijvige rapport: ondanks allerlei mitsen en maren vond men ‘burgerfora’ een prima idee. Hoe vrij deze club heeft geopereerd, is onduidelijk: Nijpels benoemde een klankbordgroep die zich bepaald niet afzijdig heeft gehouden. Een schimmig proces waarover op WyniasWeek uitgebreid is geschreven.

In het coalitieakkoord dat de basis onder Rutte IV vormt, komt het burgerberaad niet voor. Wat niet wil zeggen dat het idee van tafel is.

Burgerberaad in Brussel

En dan was er nog een burgerberaad in Brussel in het kader van de Conference on the Future of Europe. In vier panels van elk 200 personen discussieerden burgers uit de 27 aangesloten landen over het Europese klimaatbeleid, digitalisering, geopolitiek en zorg. 800 mensen voor 27 landen met bij elkaar circa 450 miljoen inwoners, reken zelf maar uit …

Het spreekt dat de Timmermansen in Brussel het allemaal fantastisch vonden, maar – zo schrijft het toch altijd ingetogen Financieele Dagblad – het was geen succes. Te brede onderwerpen, onduidelijkheid over wat er met de (honderden) aanbevelingen wordt gedaan, dominantie door hoogopgeleiden en ‘vrijgestelden’, wantrouwen, ruzie over het voorzitterschap en dan ook nog eens weggespeeld in een plenaire vergadering waarin allerhande EU-officials de boventoon voerden.

Een diepe la is het onvermijdelijke slotakkoord van dit burgerberaad.

In een notendop alle bezwaren en zwakheden die aan het burgerberaad kleven en dan zwijgen we nog over het grote democratisch deficit: er wordt geen afweging gemaakt met andere belangen (en de financiering ervan) en er wordt door de leden van het beraad geen verantwoording afgelegd naar de bevolking die men zegt te vertegenwoordigen.

‘Bureau’ Burgerberaad

Verder was het stil op het burgerberaad-front, tot afgelopen week Eva Rovers van het Bureau Burgerberaad met de nodige publiciteit een boekje over het burgerberaad lanceerde.

Eva Rovers is kunsthistorica, maar is gegrepen door het burgerberaad. Dat komt mooi uit, want haar partner David Van Reybrouck is dat ook.

Het Bureau Burgerberaad – het klinkt weids, maar het is een piepkleine stichting – richt zich niet zoals je wellicht zou verwachten op het burgerberaad als democratisch experiment, maar op het klimaat, de biodiversiteit en de energietransitie. Het burgerberaad moet doen ‘wat de opeenvolgende regeringen al 40 jaar niet lukt: toereikend klimaatbeleid ontwikkelen’ (citaat van LinkedIn).

Dat verklaart ook waarom minister Jetten het boek in ontvangst mocht nemen. Hij zou het nog tijdens zijn vakantie (vakantie?) lezen beloofde hij. Hopelijk kijkt hij ook even goed naar het kaft. Dat spreekt boekdelen.

Activisme voor klimaat en energietransitie

We zien de plattegrond van een vergaderzaal. Geen twijfel, dat is de Tweede Kamer. Dan komt de boodschap in hoofdletters ‘NU IS HET AAN ONS’. Lees: dames en heren politici, het is klaar met jullie. En voor wie dat nog niet duidelijk is, is er een toegift ‘oproep tot echte democratie’. Lees: die representatieve democratie van jullie is fake.

Het boek zelf is weinig verrassend. Het is meer een pamflet. Het heeft de charme van betrokkenheid en eerlijkheid. Het is vlot geschreven en je hoeft geen moment te twijfelen wat Eva Rovers voor ogen staat: het roer van het klimaatbeleid moet om. 180 graden en snel.

Niets nieuws onder de zon. Klimaatactivisten zeggen al jaar en dag dat de klimaatcrisis te ingewikkeld en te urgent is voor de reguliere democratie. Dat hoor je niet alleen in radicale kringen als Extinction Rebellion en Urgenda, maar ook in het Haagse circuit, van GroenLinks tot in het kabinet, Sigrid Kaag die daar volkomen open over is.

Het zijn ronduit antidemocratische, autoritaire tendenties, toegedekt en gelegitimeerd met een vermeende ramp van mondiale en existentiële proporties. Een recept dat zo oud is als de weg naar Rome of voor mijn part Athene.

Referenda, dat willen ze niet

De oplossing voor de tekortschietende representatieve democratie zou het burgerberaad moeten zijn. Bijna had ik opgeschreven ‘directe democratie’, maar dat is zeker niet wat de aanhangers van het burgerberaad willen. Referenda, want daar hebben we het over, zijn voor hen veel te riskant want voor je het weet, oordeelt de bevolking dat er geen klimaatcrisis is of dat kernenergie die windmolens moet vervangen. De partij van Kaag en Jetten kan hierover meepraten.

Een burgerberaad is niet veel meer dan een selecte groep mensen die een geïsoleerd onderwerp moet bespreken, zich niet hoeft te bekommeren om geld, haalbaarheid of andere onderwerpen teneinde tot een stel aanbevelingen te komen waar het kabinet uitpikt wat het kan gebruiken om vervolgens tegen de Kamer te zeggen: dit is de wil van het volk.

En daar schuilt nu precies het probleem. Je moet vrezen dat Jetten wel wat ziet in een burgerberaad. Het geeft hem als hij het een beetje handig speelt, een mooie steun in de rug om die 60 miljard euro van bestedingsdoelen te voorzien en allerlei maatregelen dwingend op te leggen, zonder al teveel hinder van de representatieve democratie. De nieuwe bestuurscultuur à la Rutte IV.

Het zou de volgende stap zijn in de vorming van een buitenparlementair bestel voor klimaat en energietransitie. De klimaattafels van Nijpels werden al genoemd en die adviescommissie-Brenninkmeijer die duidelijk het pad moest effenen voor het burgerberaad. Denk verder aan het Urgenda-vonnis waarmee de rechterlijke macht op de stoel van de uitvoerende macht is gaan zitten, iets wat die uitvoerende macht liet passeren. Voorts het plan van Urgenda om bij de rechter een dwangsom van 1 à 2 miljard euro (belastinggeld) te eisen om dat in te zetten voor de invoering van het klimaatbeleid als ware deze actiegroep een departement. En niet te vergeten de acties van Milieudefensie om al dan niet via de rechter grote bedrijven te dwingen een door deze club gewenst klimaatbeleid te voeren. Dit alles samengebracht onder de misleidende noemer ‘klimaatnoodtoestand’.

Activistische bubbel

Deze buitenparlementaire structuur wordt bevolkt door een woud aan stichtingen en actiegroepen waarvan de belangrijkste zoals Urgenda en Milieudefensie royaal worden gesponsord door het Rijk. Niet transparant, ons-kent-ons, zelfselectie en geen maatschappelijke verantwoording, het is een je reinste autocratie. Het is heel verkeerd als het kabinet zich hiermee inlaat, blijft inlaten.

Er valt heel wat aan te merken op de representatieve democratie, maar pak dat dan aan. En wijs al die liefhebbers van autocratische structuren en machtsmiddelen de deur!

Paul Verburgt